De jasmijnstruik

De dood van mijn broer was een zware klap voor mij, vooral omdat het zo onverwacht gebeurde. John stierf aan een hartaanval toen hij pas 51 was. Hij was altijd sterk en gezond geweest en hij was nog in de bloei van zijn leven, dus was het moeilijk voor me om over het verlies heen te komen.

Toen we nog kinderen waren, hadden we een hechte band met elkaar en we hielden allebei heel veel van de natuur en genoten van de buitenlucht.Na onze studies raakten we het contact echter kwijt. Ik verhuisde naar Zuid-Oost Azië, waar ik mijn gezin had en onderwijzeres was, terwijl John als ingenieur werkte op het platteland van Montana.

Later hadden we weer wat meer contact. Ik dacht er altijd over om hem op te gaan zoeken maar ik had het zo druk met mijn werk en al mijn verantwoordelijkheden dat ik het maar bleef uitstellen. Nu was het te laat. John was er opeens niet meer. Ik had er zoveel wroeging over. Was ik hem nou toch maar gaan opzoeken!

Op een avond bad ik: “Lieve God, geef me alstublieft een teken dat alles in orde is met John.” Ik weet niet wat ik verwacht had, maar er gebeurde niets. Terwijl ik in slaap viel vroeg ik nog om een droom waar ik troost uit kon putten, maar toen ik de volgende ochtend wakker werd kon ik me niets herinneren.

In die tijd woonde ik in een huisje met een tuin, zodat ik de natuur voor de deur had. Bij de deur groeide een jasmijnstruik waar ik al een week naar gekeken had, in afwachting van het moment dat hij zou gaan bloeien, en toen ik die ochtend naar buiten ging viel me iets op. Daar aan de jasmijnstruik zat één enkele, volgroeide witte jasmijnbloesem! De bloemen van de jasmijn groeien meestal in trosjes en ze bloeien allemaal tegelijk en het gebeurt niet vaak dat er maar een bloesem open gaat.

Opeens had ik het gevoel dat dit het teken was waar ik God om gevraagd had. Zijn zorgen voor ons worden duidelijk gemaakt in de kleinste details van Zijn schepping en onze levens. “Geen musje valt op de grond zonder dat uw hemelse Vader ervan weet. En zelfs de haren op uw hoofd zijn geteld.”1

Als ik nu een jasmijnbloesem zie en de geur ervan opsnuif denk ik weer aan die ochtend. Nu vraag ik me niet meer af of alles wel goed is met John. Ik weet dat het prima is met hem en dat ik hem weer zal zien.

  1. Mattheüs 10:29-30